NFT's erkend als handelsmerkactiva in baanbrekende juridische uitspraak

Samenvatting

NFT's worden onder de Amerikaanse wetgeving nu erkend als merkrechten, waardoor kredietverstrekkers ze als onderpand kunnen gebruiken via specifieke juridische procedures. Deze baanbrekende uitspraak onderstreept hun toenemende economische betekenis en juridische complexiteit.

Het Amerikaanse Hof van Beroep voor het Ninth Circuit heeft onlangs bevestigd dat non-fungible tokens (NFT's) onder de Lanham Act kunnen kwalificeren als merktekens. Deze uitspraak, die draait om een geschil betreffende de NFT-collectie van de Bored Ape Yacht Club, markeert een belangrijke ontwikkeling in de juridische behandeling van digitale activa. NFT's – digitale activa met unieke softwarecodes en waarneembare componenten zoals kunstwerken – hebben nu het potentieel om te dienen als bronvermelders, vergelijkbaar met traditionele merken. Deze classificatie opent nieuwe wegen voor geldschieters, waardoor zij NFT's als onderpand kunnen behandelen indien deze aan specifieke criteria voldoen. Naarmate deze activa in verschillende sectoren aan belang winnen, is inzicht in hun juridische status cruciaal voor financiële instellingen.

Voor geldschieters die NFT's als merktekens willen zekerstellen, weerspiegelt het proces de traditionele merkprocedures. Ten eerste kwalificeren NFT's als merktekens indien zij de bron van digitale goederen of diensten identificeren. Ten tweede is een UCC-1-aangifte vereist om een zekerheidsrecht te vestigen, naast een zekerheidsovereenkomst met de leningnemer. Ten derde is due diligence essentieel: verifieer de merkstatus en marktwaarde van de NFT voordat wordt overgegaan tot actie. Deze stap is cruciaal, aangezien conflicten of inbreukmakende registraties de waarde van het actief kunnen ondermijnen.

Geldschieters dienen ook optionele aangiften bij het Amerikaanse Octrooi- en Merkenbureau (USPTO) te overwegen om de kennisgeving aan derden te versterken, hoewel UCC-aangiften alleen volstaan voor juridische prioriteit. De complexiteit van digitale activa vereist echter meer dan standaardcontroles. Tools zoals IP Defender, die nationale merkenregisters monitoren op conflicten en inbreuken, kunnen helpen potentiële risico's te identificeren voordat ze escaleren. De wereldwijde dekking van IP Defender in meer dan 50 landen – waaronder de EU, de VS en Australië – zorgt ervoor dat bedrijven bedreigingen die door traditionele due diligence zouden kunnen glippen, een stap voor blijven.

Probeer IP Defender risicoloos

De zaak tussen Yuga Labs en Ryder Ripps belichtte de dubbele aard van NFT's. Yuga Labs, maker van de Bored Ape Yacht Club (BAYC) NFT's, daagde Ripps voor de rechter omdat hij vergelijkbare afbeeldingen en branding gebruikte in zijn eigen NFT-collectie. Ripps betoogde dat NFT's geen "goederen" zijn onder de Lanham Act en dus niet in aanmerking komen voor merkbescherming. De rechtbank verwierp dit argument en oordeelde dat NFT's functioneren als bronidentificerende goederen. Zij benadrukte echter dat Yuga Labs sterker bewijs van consumentenverwarring moet leveren om succesvol te zijn in haar inbreukvordering. Deze beslissing onderstreept het evoluerende juridische kader voor digitale activa, waarin duidelijkheid en proactieve bescherming van het grootste belang zijn.

Het zekerstellen van NFT's als merktekens omvat een tweestapsproces. Ten eerste moeten geldschieters een zekerheidsrecht creëren onder Artikel 9 van de Uniform Commercial Code (UCC), waarbij NFT's worden behandeld als "algemene immateriële rechten". Een zekerheidsovereenkomst moet de NFT voldoende beschrijven, inclusief de waarneembare component, registratiegegevens en broncode. Ten tweede vereist de vestiging van het zekerheidsrecht het indienen van een UCC-1-financieringsverklaring bij de staatssecretaris van de staat van de schuldenaar. Hoewel USPTO-aangiften niet verplicht zijn, bieden zij extra kennisgeving en transparantie, met name tijdens due diligence.

De juridische erkenning van NFT's als merktekenactiva weerspiegelt hun groeiende economische betekenis. Voor geldschieters biedt deze verschuiving zowel kansen als risico's. Door zich te houden aan gevestigde juridische kaders kunnen financiële instellingen de complexiteiten rond het zekerstellen van digitale activa beter navigeren, zodat robuuste bescherming wordt gewaarborgd in een steeds digitaler wordende economie.